Openhartig

12 mei, 2015

Vanaf vandaag ligt mijn zeventiende boek in de winkel. In 10 jaar tijd heb ik zoveel geleerd over dit vak, dat ik vandaag even de tijd neem om hierbij stil te staan.
Toen ik 9 was schreef ik een boekje, niet bezig met schrijver willen worden. Ik dacht dat boeken door computers werden gemaakt, het was een hele shock toen ik erachter kwam dat Carry Slee een persoon was. En dat schrijver zijn een beroep is. Toen was het hek van de dam…
Ik schreef en schreef, op mijn vijftiende kwam daar een boek uit dat Dreadlocks & Lippenstift heette. Dat mailde ik naar Hans Kuyper, een collega die ik tot op de dag van vandaag enorm dankbaar ben.
Hij stelde mij voor aan uitgeverij Leopold, waar ik op mijn zeventiende mijn eerste contract tekende. Niet veel later haalde ik mijn VWO-diploma, de uitslag kwam tijdens de auteursborrel en wat was ik nerveus…
De blijdschap over het feit dat hard werken werd beloond was groot, maar de blijdschap dat ik eindelijk vrij was om me te richten op datgene wat ik het liefste wilde… Onbeschrijfelijk. En dat voor een schrijver.

Er kwam een periode van een dikke huid kweken. Want wat heb ik een shit moeten aanhoren. Mensen die naar me toekwamen en vroegen waarom ik mijn jeugd vergooide. Dat ik moest gaan studeren, LEVEN. Terwijl het schrijverschap allang het LEVEN was waarvoor ik had gekozen.
Mensen die zeiden dat het succes van korte duur zou zijn en dan keihard op mijn bek zou gaan, dat ik hierna “toch echt een serieus vak moest kiezen”.

Ik kwam erachter dat een schrijver niet alleen moet kunnen schrijven.
Het is lezingen geven, kunnen voorlezen (ik vind het nog steeds spannend!), gesprekken in lerarenkamers voeren (en soms gaan die helemaal NIET over het schrijven, en dat zijn vaak de leukste) en contact met lezers onderhouden via Social Media (dat vind ik een van de leukste dingen, mijn lezers zeggen zulke leuke dingen). Maar er kwamen ineens ook dingen bij kijken als interviews en fotoshoots. Wat kunnen journalisten je woorden goed verdraaien…

En al die jaren bleef ik gewoon “mijn ding” doen. Maar dat was moeilijk, omdat aan alle kanten werd gevraagd om een “deel 4 over Sofie”. Je wil schrijven wat je zelf wil, maar je schrijft ook voor een doelgroep… En als die zoooo graag iets wil…? Deel 4 van Sofie is er nooit gekomen, maar wel een hele hoop andere boeken. Ik heb door de jaren heen geleerd om steeds meer bij mijn eigen gevoel te blijven, een beetje zoals ik ooit begon, zonder remmen.

En nu is er een nieuwe, een lekkere dikkerd. “Ik denk dat dit het einde is” is een boek geworden waarover ik meteen tegen Leopold zei: “Dit wordt anders, ik ga niets zeggen, maar zet je schrap.”
Ik ben gewoon gaan zitten en gaan schrijven, op dezelfde manier zoals ik ooit schreef toen ik 9 was. Het werd een ongelooflijke reis van een jaar waar ik heel veel heb geleerd over een wereld die heel ver weg en tegelijk heel dichtbij staat.

“Ik denk dat dit het einde is” is een boek over prostituees, daklozen, drugs, een medaillon en een bijzondere vriendschap.
Geen typisch “Maren-boek”, of misschien ook wel. Ik heb het tenslotte geschreven¬†:)

In 10 jaar ben ik van een broekie van 17 naar iemand van 27 gegaan, iemand die nog altijd het mooiste beroep van de wereld heeft. En als ik serieus een vak moet kiezen? Dan kies ik met mijn hele hart hetzelfde.